Het drama van het begaafde kind, nu staat de titel vereeuwigd op mijn weblog. Zo vergeet ik zelf even niet wat me te lezen staat. Als ik hem beet krijg, het boek dat mensen psychologisch helpt ontrafelen, inclusief mezelf.
Wat is een gedicht? Ja, wat is een gedicht tegenwoordig nog? Morgen vraag ik het aan kinderen van negen. Misschien weten zij er een beter en duidelijker antwoord op dan uit mijn pen komt gerold. Een manier om een gevoel te verwoorden, zonder het gevoelswoord te gebruiken is wel erg laatavondlijk omslachtig. Maar het is wel mijn strategie. Een ESS zo te zien, want hij overleeft al meer dan tien jaar. Is het echt al 11 jaar geleden dat ik mijn allereerste eerste poezieprijs won? Dan ben ik al de grootste helft van mijn leven met mijn pen bezig. Niet verwonderlijk dus dat ik gehecht ben aan mijn pen. ( Niet letterlijk natuurlijk, qua pennen ben ik een kind van de wegwerpmaatschappij. Ik schrijf met de eerste de beste die op mijn weg komt, deel hem met anderen en verlies hem zonder echt te missen (we hebben het nog altijd over een pen he) ) Maar vandaag, de gedachte om twee pennen tot één te laten smelten... Een uitdaging. Niet mis te verstaan, een positieve mogelijkheid tot coöperatie (doe niet groots, Veer). Ik deel al veel te veel. Vooral dan met jou, jij die dit leest. Ja jij.
Ach, pennen smelten. Plastiek (of metaal) dat smelt en druipt en vloeibare gel levert om een nieuwe grootse pen uit te vervaardigen. Ik geef mijn pen niet op, dat staat vast. Ik deel een spoor van wisselwerkingwoorden en samen schrijven we in elkaars voetafdruk. Voeten hoeven geen blikken te werpen. Niet letterlijk, noch figuurlijk.
Jij (die dit leest), weet wat ik bedoel. Jij doorziet mijn cryptogrammen en mijn fluisters die zogenaamd niets betekenen willen. Met jou smelt ik elke dag. Een ijskap die haar kille maskermantel al lang heeft afgelegd. Smelten voor nachten (en avonden) die ik niet mogelijk achtte. Maar vooral: lief.
zondag 4 november 2007
zaterdag 3 november 2007
Schrijf nog eens een boek, Veerle
Ja, Veerle. Doe wat je graag doet, wat je goed doet, wat je kan en wilt en kun(s)t. Verontschuldig je toch steeds niet als iemand je vraagt wanneer je volgende op komst is. Laat het rijpen, maar het heeft geen zomers nodig. Wie doorzet krijgt lekkers, wie traag is veel stress.
Afgeschreven boeken en Henri (Van Daele) met de pijp... het is geen blije combinatie. Dirk Bracke wordt er echter nostalgisch van. Schoemans uit zich op slag lyrisch over zijn eigen 15000 exemplaren tellende boekencollectie, Marc de Bel speelt het collegiaal van Antarctica tot Kruisem. En Pieter en ik, wij vinden Wim Helsen allebei niet zo leuk, blijken kritische blikken te spuien naar Paul D'Hoore en zijn in staat boeiende conversaties te voeren met de Communicationsafgevaardigde van de EU en poolreizigers en crime-Deflo. De wachtrij voor de "Wij-zijn-goe-bezig"-boekenbeursfamilie hebben we (gelukkig) niet moeten trotseren. Buit van de dag: Unicefposters, veeeeeeeeeel flyertjes, evenveel gratis kranten, massa's nieuwe titels op mijn verlanglijstje, een boek "Waarom ontwikkelingshulp meer kwaad doet dan goed" (Pieters geld, maar lees over zijn schouder ;D) en natuurlijk weer wat econonomische en politieke kennis wijzer, en daar doen we het toch om :)
Er komt een boek, ek zweer ;) Met of zonder jou, maar samen nog het liefst.
Afgeschreven boeken en Henri (Van Daele) met de pijp... het is geen blije combinatie. Dirk Bracke wordt er echter nostalgisch van. Schoemans uit zich op slag lyrisch over zijn eigen 15000 exemplaren tellende boekencollectie, Marc de Bel speelt het collegiaal van Antarctica tot Kruisem. En Pieter en ik, wij vinden Wim Helsen allebei niet zo leuk, blijken kritische blikken te spuien naar Paul D'Hoore en zijn in staat boeiende conversaties te voeren met de Communicationsafgevaardigde van de EU en poolreizigers en crime-Deflo. De wachtrij voor de "Wij-zijn-goe-bezig"-boekenbeursfamilie hebben we (gelukkig) niet moeten trotseren. Buit van de dag: Unicefposters, veeeeeeeeeel flyertjes, evenveel gratis kranten, massa's nieuwe titels op mijn verlanglijstje, een boek "Waarom ontwikkelingshulp meer kwaad doet dan goed" (Pieters geld, maar lees over zijn schouder ;D) en natuurlijk weer wat econonomische en politieke kennis wijzer, en daar doen we het toch om :)
Er komt een boek, ek zweer ;) Met of zonder jou, maar samen nog het liefst.
woensdag 31 oktober 2007
Ik weet het allemaal niet meer. Wat een Waal is af, maar ik geraak niet door de interessante literatuur van Psycho en CW. Mijn hoofd tolt, al is dat een cliche. Weten wat je wil is veel meer dan weten wat je niet wilt. En als je nu gewoon van elke taart een stukje wil? Ik misloop als ik kies. Kiespijn. Keuzepijn. Ik geef de keuze niet uit handen, maar gedraag me als een radelowe vuurtoren die elke dag SOS-jes seint. Misschien wil ik gezoon een knuffel, iemand die in mijn hoofd kijkt en zegt " Kijk, Veerle, jij kan een verschil maken. En jou domein is ..." Ben ik zo onbestemd als ik me nu voel? Ben ik te bang om mijn eigen mijlpaal in de grond te plaatsen?
Zet alles op een rijtje en luister naar muziek. Weet die Career Advicer veel wat muziek met mij doet. Ik ga er echt niet helderder door denken. Ik weet niet wat ik wil en toch weet ik het heel precies.
Zet alles op een rijtje en luister naar muziek. Weet die Career Advicer veel wat muziek met mij doet. Ik ga er echt niet helderder door denken. Ik weet niet wat ik wil en toch weet ik het heel precies.
woensdag 24 oktober 2007
Uit-daag-ing(woord)
Schrijven wat in je opkomt. Ik ken niet anders. Soms besef ik zelfs niet meer dat ik het geschreven heb. Daarnet bijvoorbeeld kreeg ik op vier uur mijn examenessay klaar. Het moet natuurlijk nog aangevuld worden met paginaverwijzingen en dat soort formaliteiten. Maar binnen de kortste tijden waren de bladzijden vol met lettertjes tekst de paginalimiet vlug overschraden. Tip voor elke student met het zogenaamde 'luxeprobleem' (citeer ik van mijn tutor) is knoeien met lettertypes. Arial Narrow is altijd al het smalste gebleken en houdt je lange essays binnen de lijntjes.
Zondag noemde Pieter me een 'honourable student'. Op dat moment besefte ik eigenlijk pas echt wat het betekende om uitgekozen te zijn voor het Honours Programma. Ok, enkel de beste drie procent van de uniefstudenten mogen deelnemen, en ok, ik ben de enige van mijn richting. Maar wat dan nog. Ik heb ook nog een studie psychologie die ik wil blijven combineren. Twee bachelordiploma's of ééntje met een extra Honourslabel? Volgens Valere is de keuze snel gemaakt. Honours is dé weg naar een academische carrière. Ik stel me een gordijn voor dat openschuift en allemaal professors die overgaan van objectieve afstandelijkheid naar breedlachse jovialiteit. "Profs worden vrienden", het klinkt uitdagend. Vooral om een conversatie op niveau te houden. Als ik met tutor Andrades chat, loop ik al op de toppen van mijn tenen. Eén impulsieve katachtige opmerking kan mijn potentiële universitaire toekomst schaden. Hmm... zie ik mezelf al in de wereld van de onderzoekers? Nu stel ik me mezelf voor in een witte jas. Fout Veerle, Cultuuronderzoekers hoeven geen witte jas, enkel een kwak heldere hersenen, een vlotte pen, zin om dikke boeken te doorklieven en kennis. Kennis... kennis... Zou ik even hoog scoren op de Wais-test als op de GIT? Intelligentie is toch kennis niet. Actualiteit kruipt in mijn achterhoofd, maar wil er maar niet uit klauteren. Misschien moet ik meer kranten lezen, zoals Lucas (die leest dagelijks de Standaard van frontpage tot colofon. Intelligentie, hoe meer ik erover lees en leer, hoe minder ik je snap. Jou ja... Welke factoren maken dat wij zo erg op elkaar lijken? Is het de fluid intelligence? Hoe abstract is een probleem om het complex te noemen? Hoe moeilijk noem je de sfeer van een brief om te denken dat een ander het niet snapt?
Slaap nu Veerle, slaaaaaaaaaaaap... Er zitten te veel woorden in mij. Ze spartelen in het ondiepe. Op de bus liepen mijn zinnen over. Ik richtte ze op een jongen die een mij bekende tekst op schoot had. De Berlijnse sleutel. Overigens één van de weinige CW-teksten met tekeningetjes erbij. De jongen/man uit Scherpenheuvel was blijverrast toen ik naast hem kwam zitten en met de deur in huis viel. "Jij doet CW?" Hij moet hebben gedacht dat ik helderziend was. We babbelden. Ja, zoals mensen babbelen die elkaar kennen of niet. Zweden, Zuid-Amerika, Cuba, sloppenwijken en specialisaties,... we bezochten ze in één busrit Maastricht-Bilzen. Het leven kan soms makkelijk zijn. Ik geef mezelf een streepje, klim een trapje op mijn ladder. Misschien toch even de klinische persoonlijkheidstest aanpassen. Sociaal ben ik best wel able :), als ik er zin in heb.
Dit is de eerste keer dat ik echt van geen ophouden weet. Misschien is het omdat ik weet dat niemand dit leest. Tenzij jij dan, maar jij bent een uitzondering, een speciaaltje, iemand die blijft verderlezen... zelfs al noem ik je 'dierbare parochiaan'.
Slaaptijd...
Tot gauw
een licht slaapdronken Veerle om 2:17
Zondag noemde Pieter me een 'honourable student'. Op dat moment besefte ik eigenlijk pas echt wat het betekende om uitgekozen te zijn voor het Honours Programma. Ok, enkel de beste drie procent van de uniefstudenten mogen deelnemen, en ok, ik ben de enige van mijn richting. Maar wat dan nog. Ik heb ook nog een studie psychologie die ik wil blijven combineren. Twee bachelordiploma's of ééntje met een extra Honourslabel? Volgens Valere is de keuze snel gemaakt. Honours is dé weg naar een academische carrière. Ik stel me een gordijn voor dat openschuift en allemaal professors die overgaan van objectieve afstandelijkheid naar breedlachse jovialiteit. "Profs worden vrienden", het klinkt uitdagend. Vooral om een conversatie op niveau te houden. Als ik met tutor Andrades chat, loop ik al op de toppen van mijn tenen. Eén impulsieve katachtige opmerking kan mijn potentiële universitaire toekomst schaden. Hmm... zie ik mezelf al in de wereld van de onderzoekers? Nu stel ik me mezelf voor in een witte jas. Fout Veerle, Cultuuronderzoekers hoeven geen witte jas, enkel een kwak heldere hersenen, een vlotte pen, zin om dikke boeken te doorklieven en kennis. Kennis... kennis... Zou ik even hoog scoren op de Wais-test als op de GIT? Intelligentie is toch kennis niet. Actualiteit kruipt in mijn achterhoofd, maar wil er maar niet uit klauteren. Misschien moet ik meer kranten lezen, zoals Lucas (die leest dagelijks de Standaard van frontpage tot colofon. Intelligentie, hoe meer ik erover lees en leer, hoe minder ik je snap. Jou ja... Welke factoren maken dat wij zo erg op elkaar lijken? Is het de fluid intelligence? Hoe abstract is een probleem om het complex te noemen? Hoe moeilijk noem je de sfeer van een brief om te denken dat een ander het niet snapt?
Slaap nu Veerle, slaaaaaaaaaaaap... Er zitten te veel woorden in mij. Ze spartelen in het ondiepe. Op de bus liepen mijn zinnen over. Ik richtte ze op een jongen die een mij bekende tekst op schoot had. De Berlijnse sleutel. Overigens één van de weinige CW-teksten met tekeningetjes erbij. De jongen/man uit Scherpenheuvel was blijverrast toen ik naast hem kwam zitten en met de deur in huis viel. "Jij doet CW?" Hij moet hebben gedacht dat ik helderziend was. We babbelden. Ja, zoals mensen babbelen die elkaar kennen of niet. Zweden, Zuid-Amerika, Cuba, sloppenwijken en specialisaties,... we bezochten ze in één busrit Maastricht-Bilzen. Het leven kan soms makkelijk zijn. Ik geef mezelf een streepje, klim een trapje op mijn ladder. Misschien toch even de klinische persoonlijkheidstest aanpassen. Sociaal ben ik best wel able :), als ik er zin in heb.
Dit is de eerste keer dat ik echt van geen ophouden weet. Misschien is het omdat ik weet dat niemand dit leest. Tenzij jij dan, maar jij bent een uitzondering, een speciaaltje, iemand die blijft verderlezen... zelfs al noem ik je 'dierbare parochiaan'.
Slaaptijd...
Tot gauw
een licht slaapdronken Veerle om 2:17
zaterdag 20 oktober 2007
Je doet me opschrikken om niets. Met je -van alle kanten- zwijgen. Ik verschuifel geen voetbreed. Lanceer het eerste woord. Het is griezelig. Zoals wuiven naar iemand achteraan in de volle bus en hopen dat je een wuivende hand terugkrijgt. Dat je niet in het wilde weg lijkt te zwaaien. Wim zwaaide terug en we beklaagden ons over de oudjes op vrijdagochtenden die, gewapend met marktrolkarretje, Maastricht invadeerden.
Eigenlijk wilde ik helemaal niet naar de onderwijsgroep van Psychologie. Ik hoorde in de kerk te zitten, met een bidprentje te frunniken om me een houding te geven, in Pieters ogen te kijken en oogwenkjes troost door te seinen. Bureaucratie wint het van menselijkheid... Geen uitzonderingen op de aanwezigheidsplichtregel. Belachelijk. Natuurlijk wist ik tijdens de tutorial wel wat te vertellen. Hoeveel uren heb ik niet met Pieter over intelligentie gediscusseerd. Of een IQ betrouwbaar was en wat je van een erg hoge of erg lage score moest denken. Of het eigenlijk wel iets vertelt over jezelf. Of hoogbegaafheid notabele wel bestaat of dat hoogsensitiviteit het verdwalende neveneffect is. Gek eigenlijk. Het was in Maastricht dat we een paar jaar geleden het initiatief namen voor een hoogbegaafdensamenkomst. Iedereen van op het IQ-jongerenforum was uitgenodigd. Maar zoals dat vaak gaat met internetafspraken stuurde bijna iedereen zijn kat. Nu uren Free-recordshop-ijsberen op het station mochten we toch kennismaken met een meisje dat helemaal uit (was het Amsterdam?) was afgereisd om Rens (Pieter) en Blauwerflower (ik) te ontmoeten. Ik herinner me nog goed dat we op het Vrijthof een fruitsap dronken. Maastricht was toen nog vrij nieuw voor mij. Het had straten waarvan ik het einde niet kenden, hoeken en steegjes zonder mijn voetafdrukken op de kasseien,... de kerken leken groter, het winkelcentrum onuitputbaar en de klerenwinkels te verleidelijk om zomaar voorbij te lopen. Alles went, dat zeggen ze toch. Ik kom dagelijks voorbij het Vrijthof nu, sloeg er een zevental smakelijke herinneringen op (eentje bestond uit een dame blanche met drie lepeltjes). De winkels snel ik in haast-en-spoedpas voorbij als ik me van Psychologiecollege naar Cultuurwetenschap onderwijsgroep rep. In de kerk heb ik al eens gezongen met het koor. En de bussen van Veolia trakteren me, ondanks de beperkte Buzzypastolerantie regelmatig op een langere rit dan toegestaan. Ik kijk niet meer op van een coffeeshop hier of daar, al zag het er nooit interessant genoeg uit om er binnen te gaan. Maastricht wordt steeds meer mijn stad ...
Volgende week examens... duim voor mij...
Veerle
Eigenlijk wilde ik helemaal niet naar de onderwijsgroep van Psychologie. Ik hoorde in de kerk te zitten, met een bidprentje te frunniken om me een houding te geven, in Pieters ogen te kijken en oogwenkjes troost door te seinen. Bureaucratie wint het van menselijkheid... Geen uitzonderingen op de aanwezigheidsplichtregel. Belachelijk. Natuurlijk wist ik tijdens de tutorial wel wat te vertellen. Hoeveel uren heb ik niet met Pieter over intelligentie gediscusseerd. Of een IQ betrouwbaar was en wat je van een erg hoge of erg lage score moest denken. Of het eigenlijk wel iets vertelt over jezelf. Of hoogbegaafheid notabele wel bestaat of dat hoogsensitiviteit het verdwalende neveneffect is. Gek eigenlijk. Het was in Maastricht dat we een paar jaar geleden het initiatief namen voor een hoogbegaafdensamenkomst. Iedereen van op het IQ-jongerenforum was uitgenodigd. Maar zoals dat vaak gaat met internetafspraken stuurde bijna iedereen zijn kat. Nu uren Free-recordshop-ijsberen op het station mochten we toch kennismaken met een meisje dat helemaal uit (was het Amsterdam?) was afgereisd om Rens (Pieter) en Blauwerflower (ik) te ontmoeten. Ik herinner me nog goed dat we op het Vrijthof een fruitsap dronken. Maastricht was toen nog vrij nieuw voor mij. Het had straten waarvan ik het einde niet kenden, hoeken en steegjes zonder mijn voetafdrukken op de kasseien,... de kerken leken groter, het winkelcentrum onuitputbaar en de klerenwinkels te verleidelijk om zomaar voorbij te lopen. Alles went, dat zeggen ze toch. Ik kom dagelijks voorbij het Vrijthof nu, sloeg er een zevental smakelijke herinneringen op (eentje bestond uit een dame blanche met drie lepeltjes). De winkels snel ik in haast-en-spoedpas voorbij als ik me van Psychologiecollege naar Cultuurwetenschap onderwijsgroep rep. In de kerk heb ik al eens gezongen met het koor. En de bussen van Veolia trakteren me, ondanks de beperkte Buzzypastolerantie regelmatig op een langere rit dan toegestaan. Ik kijk niet meer op van een coffeeshop hier of daar, al zag het er nooit interessant genoeg uit om er binnen te gaan. Maastricht wordt steeds meer mijn stad ...
Volgende week examens... duim voor mij...
Veerle
donderdag 18 oktober 2007
Hou (me) vast
Hou je vast.... Hou je... Ik hou van je... je vast... hou ik van je... in mijn armen nog het meest... als je hoofd op mijn schouder leunt... ik hoor dat je adem zucht... je vlucht niet meer... niet meer vechten... tranen weten raad... vullen holle engten van dood... die niet vluchten wil in vluchtigheid... je moet stilstaan... stil... staan... en wachten... maar begrijpen doe je het niet... nooit... hoe kan je begrijpen... grip krijgen op een zacht mens dat zopas nog leefde... en nu met gesloten ogen de achterkant van de dood bekijkt... van heel dichtbij... te dichtbij om niet te slikken... de pijn... de krop... emoties... wegslikken... sterk houden.. protocol en zwarte kleren...zwarte kleuren en zoutkorreltjes... sterk houden...liever... houden van... van dinokoeken...van een warme jas en twee armen om in te rillen... van vasthouden... ik hou je vast... hou van je... jou... vast en zekerder dan ooit...
woensdag 10 oktober 2007
Een andere dag
Gisteren lag er een gedicht in mijn hoofd. Het ontwaakte net voor ik in slaap viel. Het heeft dus nooit het papier gehaald. Gedachten zijn immers net zo vluchtig als het lichaam loom is en zoeken door dromen heen een uitweg naar diep diep onbewust.
Soms moet je de tijd nemen om te denken. Die 'je' is niet alleen jij die dit leest, maar ook 'ik' die dit schrijf. Het is maar een manier om te zeggen dat ik net als jou ben (met iets andere wereldbeelden natuurlijk, wat niet wegneemt dat ik je tips mag geven). Neem de tijd dus. Dat was ik even vergeten. Natuurlijk denk ik, heel de tijd zelfs, ik stop er niet mee. Maar mijn gedachten spelen zich af in de tegenwoordige tijd. OTT. Ott zoals odd. Vreemd om achteruit te kijken. Gedachten zijn toch verleden tijd van gedenk. Gisteren voor het slapengaan zag ik in dat ik meer ben dan het meisje dat nu, met teksten en e-readers in haar linkerhand en een zakdoekje in de rechter over de kasseien van Maastricht loopt, die van bus tot bus slingert als een aap die de veelzijdigheid van lianen heeft ontdekt. Deze tijd is er een van beweging. We worden vooruitgejaagd als aangespoorde kuddes koeien. Maar door wie? Jezus de goede herder? Wil hij dat we onszelf zien als producten van de afgelopen dag?
Gisteren speelde mijn leven in olievlekbonte kleuren voor mijn netvlies. Je hoeft niet te lezen in de bus, de Lijnbus die elke dag een omweg maakt, de bus die op woensdag en vrijdag prioriteitszitjes heeft voor de markt-oma's en palen voor de jongelingen, de bus met wietgeur in zijn stoffen stoelen en de afgelopen maand zeker vijf paspoortcontroleerders die studenten en oma's op smokkel willen betrappen. Die bus dus, zat gisteren om 19u leeg en tekstloos richting Bilzen te rijden. Ik zat linksachterin. Mijn dag had veel enthousiasme en bijna evenveel verveling gekend. Een college over voorspellingen, die we als cultuurverschijnsel moeten bekijken, een prakticum over mijn foute persoonlijkheidsresultaten (hoe durft dat blad beweren dat ik me emotioneel stabiel, maar toch extreem onzeker voel?) en vervolgens een onderwijsgroep waarin ik mijn persoonlijkheidstest op de proef stelde en als een vastberaden gesprekleider de groep door de vage Actor-Netwerktheorie leidde. En daar zat ik dan nu, net een tiramisu uit de Mensa geproefd en Jolien gelukt gewenst met haar musical, gedacht aan Pieter en mensen gemist die ik eigenlijk niet kende. Normaal buig ik me op zo een momten over mijn boeken, lees en markeer, lees en schematiseer. Dit keer niet, ik was te moe, uitgeblust ook wel een beetje. Dus zou ik denken. Ik ben een persoon, zoveel wist ik al. Maar dat ik uit veel meer besta dan mijn meest recente herinneringen , dat was me even ontgaan. Ik ben ook het meisje dat in Walibi als eerste op de Vampire wilde, die urenlang met vrienden kan praten aan de telefoon, die batterijene verzamelt voor het goede doel, die duplo en knex-expert was, die nooit bang was voor podia, die ooit op het middelbaar heeft gezeten (maar pas sinds de universiteit iets voor school doet), die plots wel van olijven houdt en vandaag spontaan mensen (namelijk eentje, genaamd Wim uit Borgloon) aanspreekt in de bus,...
Een college te gaan, weer een dag voor het verleden,
Veerle
Soms moet je de tijd nemen om te denken. Die 'je' is niet alleen jij die dit leest, maar ook 'ik' die dit schrijf. Het is maar een manier om te zeggen dat ik net als jou ben (met iets andere wereldbeelden natuurlijk, wat niet wegneemt dat ik je tips mag geven). Neem de tijd dus. Dat was ik even vergeten. Natuurlijk denk ik, heel de tijd zelfs, ik stop er niet mee. Maar mijn gedachten spelen zich af in de tegenwoordige tijd. OTT. Ott zoals odd. Vreemd om achteruit te kijken. Gedachten zijn toch verleden tijd van gedenk. Gisteren voor het slapengaan zag ik in dat ik meer ben dan het meisje dat nu, met teksten en e-readers in haar linkerhand en een zakdoekje in de rechter over de kasseien van Maastricht loopt, die van bus tot bus slingert als een aap die de veelzijdigheid van lianen heeft ontdekt. Deze tijd is er een van beweging. We worden vooruitgejaagd als aangespoorde kuddes koeien. Maar door wie? Jezus de goede herder? Wil hij dat we onszelf zien als producten van de afgelopen dag?
Gisteren speelde mijn leven in olievlekbonte kleuren voor mijn netvlies. Je hoeft niet te lezen in de bus, de Lijnbus die elke dag een omweg maakt, de bus die op woensdag en vrijdag prioriteitszitjes heeft voor de markt-oma's en palen voor de jongelingen, de bus met wietgeur in zijn stoffen stoelen en de afgelopen maand zeker vijf paspoortcontroleerders die studenten en oma's op smokkel willen betrappen. Die bus dus, zat gisteren om 19u leeg en tekstloos richting Bilzen te rijden. Ik zat linksachterin. Mijn dag had veel enthousiasme en bijna evenveel verveling gekend. Een college over voorspellingen, die we als cultuurverschijnsel moeten bekijken, een prakticum over mijn foute persoonlijkheidsresultaten (hoe durft dat blad beweren dat ik me emotioneel stabiel, maar toch extreem onzeker voel?) en vervolgens een onderwijsgroep waarin ik mijn persoonlijkheidstest op de proef stelde en als een vastberaden gesprekleider de groep door de vage Actor-Netwerktheorie leidde. En daar zat ik dan nu, net een tiramisu uit de Mensa geproefd en Jolien gelukt gewenst met haar musical, gedacht aan Pieter en mensen gemist die ik eigenlijk niet kende. Normaal buig ik me op zo een momten over mijn boeken, lees en markeer, lees en schematiseer. Dit keer niet, ik was te moe, uitgeblust ook wel een beetje. Dus zou ik denken. Ik ben een persoon, zoveel wist ik al. Maar dat ik uit veel meer besta dan mijn meest recente herinneringen , dat was me even ontgaan. Ik ben ook het meisje dat in Walibi als eerste op de Vampire wilde, die urenlang met vrienden kan praten aan de telefoon, die batterijene verzamelt voor het goede doel, die duplo en knex-expert was, die nooit bang was voor podia, die ooit op het middelbaar heeft gezeten (maar pas sinds de universiteit iets voor school doet), die plots wel van olijven houdt en vandaag spontaan mensen (namelijk eentje, genaamd Wim uit Borgloon) aanspreekt in de bus,...
Een college te gaan, weer een dag voor het verleden,
Veerle
maandag 8 oktober 2007
Lekker in het Nederlands
And now, I just write in Dutch, neh. Nederlands of Vlaams of eerder dialectisch Munsters? Ik weet niet wat er scheelt. Misschien is het wel zo dat je karakter je omgeving beïnvloedt, misschien zelfs creeërt. Ik kan er mee leven. Maar kan ik leven met Freud? Vast wel, alleen rookte hij 20 rookstokjes per dag. Mijn uberich zegt me dat ik slapen moet, mijn ouders ook.
Slaapwel
Slaapwel
woensdag 3 oktober 2007
Let's fly away
Do I have write in English? Is somebody actually reading this? Maybe I can just continue my story in Dutch. Just to avoid all my spelling- and grammarmistakes, just to play with words I feel with all the associations I linked to them during the past 20 years. English, I just know you since I was fourteen. And anyway, I was never good in you...
Some days have wings, some airplanes are just dots on a LCD-screen. Eurocontrol revealed the world to me behind the screens of the airlines. I was always wondering how airplanes found their way through the giant skyworld. I imaged a pilot overlooking the sky with his eyes and cameras placed on the wings and tail of his vehicle. Yes, I was really convinced the pilot was free as a bird, making his own choices how high to fly, responsible for his own successful flights and crashes. My illusion died today. The pilot is just a puppet of the 'airtrafficguides' in Eurocontrol (Maastricht). A pilot is blind and have to trust on the guidelines of a man or woman ni the strictly protected control centre. The control centre looks like you can expect from the movies: giant screens with a lot of dots (which function as symbols for airplanes), coordinates, information about the ascend and descend of all these planes, etc.
I tried to image myself sitting in one of the (quite confortable) chairs, staring to the dotted screen for hours. Ok, they offer you more than 100 000 euro to do that for a year, you just have work for 20 hours a week, you can take breaks of half an hour to two hours and you have to life of thousands of helpless people in your hands (or computermousse), but is that the difference I want to make?
Today I discovered psychologic experiments are an easy way to get money. I reacted on an advertisment about cognitive effects of tutorial groups in my university. Three sessions of reading texts and answering questions about it, will provide me 25 euro to spend in the Maastricht filmhouse, restaurants, theatre, etc.
I'm not really inspired today. It depends of the weather I guess. Or is it just my creativity which is flowing away... ? Who spoke a magic spell?
Some days have wings, some airplanes are just dots on a LCD-screen. Eurocontrol revealed the world to me behind the screens of the airlines. I was always wondering how airplanes found their way through the giant skyworld. I imaged a pilot overlooking the sky with his eyes and cameras placed on the wings and tail of his vehicle. Yes, I was really convinced the pilot was free as a bird, making his own choices how high to fly, responsible for his own successful flights and crashes. My illusion died today. The pilot is just a puppet of the 'airtrafficguides' in Eurocontrol (Maastricht). A pilot is blind and have to trust on the guidelines of a man or woman ni the strictly protected control centre. The control centre looks like you can expect from the movies: giant screens with a lot of dots (which function as symbols for airplanes), coordinates, information about the ascend and descend of all these planes, etc.
I tried to image myself sitting in one of the (quite confortable) chairs, staring to the dotted screen for hours. Ok, they offer you more than 100 000 euro to do that for a year, you just have work for 20 hours a week, you can take breaks of half an hour to two hours and you have to life of thousands of helpless people in your hands (or computermousse), but is that the difference I want to make?
Today I discovered psychologic experiments are an easy way to get money. I reacted on an advertisment about cognitive effects of tutorial groups in my university. Three sessions of reading texts and answering questions about it, will provide me 25 euro to spend in the Maastricht filmhouse, restaurants, theatre, etc.
I'm not really inspired today. It depends of the weather I guess. Or is it just my creativity which is flowing away... ? Who spoke a magic spell?
Abonneren op:
Posts (Atom)
