dinsdag 24 mei 2011

Verslag eerste NGPF Masterclass:



De psychologie van het Vlees Eten


Na weken van voorbereiding was het dan zover: de lancering van de eerste NGPF Masterclass, editie 2011.  Uit alle aanmeldingen zijn vijfentwintig gemotiveerde deelnemers gekozen. Ze zijn jong (18 tot 30 jaar), komen uit alle hoeken van het land en hebben tenminste één ding gemeen: hun enthousiasme om meer te leren over dierenethiek, gedragsverandering, mediapsychologie, campagnestrategieën en de mogelijkheden om de theorie in de praktijk te brengen voor dieren, natuur en milieu.

De spits werd ’s ochtends afgebeten door de deelnemers zelf. In een uitgebreid kennismakingsspel leerden de NGPF-masterclassers elkaar en het Nederlandse medialandschap beter kennen.  Vervolgens introduceerde NGPF directeur Karen Soeters zichzelf en ging in vogelvlucht over de wapenfeiten in de vijfjarige geschiedenis van de Nicolaas G. Pierson Foundation, gaande van de NGPF-documentaires Meat the Truth en Sea the Truth, tot de recente activiteiten in verband met onverdoofd ritueel slachten,  zoönosen en de werkelijke prijs van varkensvlees.

Na een uitgebreide lunch door het culinaire team Monique Van Dijk en Linda Broersen,  verwelkomden we hoogleraar Sociale Psychologie Roos Vonk  met haar hondjes Bobby en Aagje.  In een persoonlijke en lichtvoetige presentatie nam professor Vonk de psychologie van de vleeseter onder de loep. Hoe gaan omnivoren om met cognitieve dissonantie? Waarom worden mensen die minder vlees eten soms ‘betweterig’ genoemd? En welke strategieën zijn vanuit een psychologisch oogpunt het meest effectief  om vleesvermindering in de hand te werken?

Tijd om eigen ervaringen uit te wisselen was er tijdens de workshop Cognitieve Dissonantie en Ongemakkelijke Situaties. Aan de hand van scenario’s, een ‘VegaBingo’ met de meest gehoorde reacties van verstokte vleeseters en de presentatie van Roos Vonk, werd er in groepjes gebrainstormd. Deelnemers hadden het over moraalridders en zeikers, over dilemma’s bij het kerstdiner en over manieren om op een positieve manier om te gaan met negatieve reacties.

Als inleiding op de volgende masterclassdag analyseerden de groep tenslotte bestaande campagnes en reclamefilmpjes.  Mist ‘Kip, het meest veelzijdige stukje vlees’ met de welbekende jingle zijn doel en wat kunnen we leren van andere campagnes voor eigen initiatieven? Als afronding van de eerste Masterclassdag kon er geproefd worden van huisgemaakte plantaardige cupcakes. Wij kijken alvast uit naar de volgende masterclass op zaterdag 28 mei met niemand minder dan dierenrechtenboegbeeld Peter Singer als gastspreker.

vrijdag 1 april 2011

Honderd en één bonte koeën


Mijn 101ste post! Een goede gelegenheid om even in het verleden te duiken met een verhaaltje dat ik zes jaar geleden schreef. Er is niet veel veranderd sindsdien...

HEEFT U EVEN TIJD?

“Heeft u even tijd, mevrouw?” De twee gaatjes in het karton vielen me meteen op. Vierkantjes die met veel fantasie ovalen werden waarachter guitige ogen me aankeken. Het moest een jonge man zijn, misschien een student. Alleszins een idealist die glimlachend zijn vrije zaterdag wilde opofferen aan “een betere wereld”. Een struise dame enkele meters verderop mompelde: “Wat een onzin! !” Haastige hakken.
“ Juffrouw?” Weer die ogen. Ik wendde vlug mijn blik af.
“ Jaja” knikte ik vlug. Het was eerder een excuus dan een antwoord. De jongen droeg een uier ter hoogte van zijn buik. De tepels stonden stijf vooruit. Het roze plastic glansde. Twee horens op zijn hoofd waren wat scheefgezakt. Zijn pak was wit met zwarte vlekken.
“ Heeft u zich wel eens vragen gesteld?”
“ Hoe bedoelt u?”
“ Of u wel eens stilstaat bij de lijdensweg van dieren, vooraleer deze in verwerkte vorm op uw bord terechtkomen? Kijk, we hebben een enquête die …”
Ze waren met z’n drieën, twee koeien en 1 stier. Over een bank hadden ze een bedsprei gelegd. “Go Veggie!” stond erop in tranende inktletters. Ik zuchtte. Ach, ik had er wel eens over nagedacht. En inderdaad, ik stelde me soms wel vragen…vroeger…
De twee bruine ogen bleven me aanstaren.
Gerommel in mijn maag. Mijn ogen zochten mijn horloge. Nog 2 minuten Ik was op weg geweest naar een restaurant met een blauwe voorgevel. Iets met een Franse naam. Mijn baas zou er wachten om 17u.
“ Sorry jongeman, ik heb haast.” Ik wilde verdergaan, maar zijn zwarte hoef hield me tegen.
“ Wilt u misschien toch even tekenen?” De ogen waren plots heel dichtbij. Mijn neus raakte bijna zijn brede snuit. Er golfde een vreemde siddering door mijn ledematen. Alsof binnenin het tienermeisje van vroeger weer in opstand kwam. Ze had me betrapt. Ik klemde de aangereikte balpen vast.
“Jaja, zeg maar waar ik moet tekenen!” Ik zag een glimp glimlach door de grote neusgaten. “ Animal rights” stond boven aan het blad. Het werd een snelle krabbel, waarvan de inkt in de twee volgende vakjes verder liep.
“ Dank u wel.” Vergiste ik me of knipoogde hij door het masker heen? “ Geen dank” antwoordde ik vlug. Mijn ogen zochten een blauwe gevel. In de verte luidde een kerkklok vijf keer. Ik zou te laat zijn.

“ La cuisine en blue” zat afgeladen vol. Van achter de hoofden maakte een hand een wuifgebaar. Mijn baas. Het was acht minuten over vijf toen ik tegenover hem ging zitten.
“ Excuseer me, maar ik werd onderweg opgehouden door dierenactivisten. Het zal niet meer gebeuren.” Ik had hem nooit echt gemogen. De verwijtende blik achter z’n brilglazen, het geroffel van zijn geveilde nagels op het tafellaken, de manier waarop hij de menukaart onder zijn wijsvinger liet doorglijden…
“Gezwans is het” zei hij plots. hij tuitte zijn lippen naar voren alsof hij zijn eigen woorden wilde kussen.
“ Bevalt de kaart u niet, Meneer Jaques?” vroeg ik vlug, hopend dat zijn commentaar niet op mijn late aankomst was bedoeld.
“ Nee, die activisten. Geleuter midden op straat…het zou verboden moeten worden. Alsof we niets beters te doen hebben dan piekeren over de pijn van het zwijn…haha…de pijn van het zwijn.” Ik lachte flauwtjes mee. Daar was de siddering weer.
“ Maar goed, laten we geen tijd verspillen aan gekken. Bestel liever. Twee keer het dagmenu met entrecote licht gebakken met garnering. In orde voor jou? Sonja?” De ober noteerde ijverig De pen kwispelde tussen zijn vingers. Kwispelen. De koe had ook een staart gehad.
“Sonja? Entrecote? Ok?” Ik keek op. Entrecote. Entre-Cote. Tussen-rib. Het stukje vlees en bloed tussen de koeienribben. Eerst werd de koe opengereten, het vel uitgespreid en de ingewanden opzij gelegd. Bloed. Roodgekleurde ribben met flarden spierweefsel. Bloed en de botten breken om het felbegeerde stukje vlees te vinden.
“Sonja, gaat het? “ Mijn blik volgde de ober. Iets in mij wilde hem tegenhouden, de pas afsnijden toen hij de keuken binnenging, de mond snoeren op het moment dat hij “Deux fois le plat du jour avec entrecote” riep.
“ Sorry Meneer Jacques, ik voel me inderdaad wat misselijk.” Mijn ogen zochten een toiletdeur. “Excuseert u me even?”

Koel water in mijn gezicht. Ik leunde voorover boven de lavabo. Een wat oudere dame bekeek me vanuit haar ooghoeken en verdween fronsend in het toilethokje. Wat was er in godsnaam met me aan de hand? Mijn spiegelbeeld had me in jaren niet meer zo zorgelijk aangestaard. Ik dacht in vlekjes. Koeienvlekjes en bruine ogen. De gedachte aan vlees deed me enkel walgen. De geur van bloed, van angstige ogen zonder glans, dood. Vooral dood. Ook ik was bang om te sterven, om zomaar van de aardbol weg te worden geplukt door een anoniem “niets”. Ook ik probeerde de gedachte van me af te schudden,.. door op te gaan in de drukte… geen tijd te maken om te denken… Leven, werken, slapen, drinken en eten. Daar was ik het kleine meisje verloren. Het kind met de paardenstaartjes dat lieveheersbeestjes temde. De onschuldige vastberadenheid in mijn stem aan tafel. Middagmaal na middagmaal… “Nee, ik wil niet! Ik eet geen lijken! Geen mensen en geen dieren! Nu niet, nooit!” De uren op mijn kamer, alleen met een lege maag en de nagalm van verwijten in mijn hoofd, waren bedoeld om me “wijzer” te maken. Het was hen gelukt. Ze hadden mijn wilskracht verstomd, verdoofd voor jaren
.
“Mag ik?” De dame kwam het hokje uit en reikte nu haar handen uit naar de lavabo. Ik stond mijn plaats af. Om mezelf een houding te geven keek ik naar mijn horloge. Kwart voor zes. Binnen stond de entrecote vast al te dampen…. ik wilde niet… maar kon mijn baas toch niet zomaar laten wachten… Uiteindelijk stapte ik tegelijk met de dame het toilet buiten.

Daar stond hij, in het midden van het restaurant. Ik herkende zijn uier, zijn vlekken, zijn staart,… Het levensechte masker had hij op een tafeltje naast zich gelegd Zijn haar zat in een paardenstaartje. Zijn mond (perfect menselijk, met een stoppelbaardje eronder) spuwde woorden. De kelner probeerde hem weg te duwen. Af en toe kon ik een woord opvangen. “dood vlees…. dierenleed… foie gras… kistkalveren… barbaarse slachtingen…”. Enkele klanten hezen zich recht en vormden een halve kring rond de “loeiende menskoe”. Ook ik.
Een tweede kelner kwam aangelopen.
“ Excusez-moi, mais vous devez sortir, sinon on appelle la police”
« Laat me alstublieft uitspreken. Waar is de eigenaar?” De bruine ogen probeerden zich vast te klampen. Enig teken van steun of begrip. Enerzijds wilde ik mijn ogen afwenden, anderzijds kon ik hem niet loslaten. Die pijn achter zijn netvlies… als een koe door een blinde menigte naar de slachtbank werd geleid.
«  Wat is her probleem hier?” Het was mijn baas. Zijn adem stonk naar Entre-cote. Als een officier had hij de handen in de zij geplant en doorboorde de activist met zijn blik.. .
“We hebben een enquête georganiseerd. U mag de petitielijsten bekijken…” Hij zwaaide met enkele vellen. In het midden ontdekte ik mijn handtekening inclusief inktvlekken.
“ Petitie… petitie… gezwans is het. Dit doe ik ermee!” Snippers vielen op de vloer. De bruine ogen werden spleetjes, die zich dan weer vermanden door strak voor zich uit te kijken. De staart kwispelde niet meer.
“ Kom Sonja, we laten ons eten niet koud worden door zo’n aansteller.” Ik volgde elke beweging van de vlekjes. Hoe zijn handen de snippers bij elkaar veegden, hoe hij zich langzaam oprichtte, hoe hij nog wat wilde zeggen, maar zijn woorden weer inslikte, hoe zijn hoeven het restaurant uit werden gejaagd, de staart tussen de poten.
“ Sonja?” Ik draaide me om naar mijn baas. Hij stond al bij ons tafeltje. Bij de verdoemde entrecote… Het bord grijnsde. Ik wilde weg. Net op dat moment zag ik het koeienmasker. Het was op één van de tafeltjes blijven liggen. Goedkoop karton met gaatjes en vingerverf…Een kelner wilde het opruimen, maar ik was hem voor.
“ Neemt u me niet kwalijk Meneer Jaques.” Nog voor hij kon antwoorden grabbelde ik mijn jas en rende naar buiten. Het masker klemde ik stevig onder mijn arm. Het was zes uur. De winkelstraat sloot zijn luiken. Elke wegtikkende seconde werden er in ons land 8 dieren vermoord. Ik holde weg bij die gedachte en zag in de verte nog net een gevlekte staart om de hoek verdwijnen.


donderdag 24 maart 2011

Veggie Challenge Enquête 2011

Ziezo, mijn eerste enquête staat online. Ben benieuwd naar de resultaten. Al weet ik nog niet zeker of deze vragenlijst ook wel echt gebruikt kan worden voor mijn masteronderzoek, kan het zeker informatief zijn. Wie tot 31 maart tien minuutjes neemt om de vragenlijst in te vullen, maakt bovendien kans op een gratis DVD.

http://www.thesistools.com/web/?id=183791


Hopelijk komen er snel reacties!

dinsdag 22 maart 2011

Bovenburen? Nooit last van gehad...

Ik neem me al maanden voor om wat fanatieker te gaan bloggen, maar nooit maak ik mijn goede voornemens waar. Soms gebeuren er echter zo bizarre dingen dat het lijkt alsof het leven je uitdaagt, also het wil zeggen "ik maak het net zo gek tot jij het met je schrijven in bedwang houdt". En jawel, vandaag stroomde de rand van de writersblock-emmer wel erg letterlijk over met extra druppels merkwaardigheden. Mijn sokken zijn er nog nat van, de stank zit overal en mijn hoofd is nog een beetje warrig.

Mijn verhaal begon op het moment dat ik thuiskwam na een dag van stage en 'mannentaalles zonder mannen' (maar dat is weer een ander verhaal). Nou, eigenlijk neem ik jullie beter even mee naar ons huisje in Amsterdam-West, ongeveer een maand geleden. Pablo en ik lagen rustig op bed een Scandinavische griezelfilm te kijken toen ons gootsteenputje begon te rochelen. Eerst dachten we dat hij gewoon een schorre keel had of dat hij zich had verslikt in een slokje afvoerwater. We gingen weer aan de film. Het was echter een voorteken van een tragedie die ons de week erna tot tranen toe zou teisteren. Ergens in het midden van de film kwam een vreemde stankwalm onze slaapkamer binnengeslopen. Een borrelend geluid in de keuken. De deur op een kier en bah! Onze gootsteen 'kotste' bruinoranje braaksel. Het ging om een smerig goedje met een sterk half vergane pindasausaroma dat vanuit ons afvoerputje naar omhoog kroop. Het was niet te houden, gleed over de wasbak als brutale monsterklauwen over het aanrecht, trok met niets ontziende krachten territoriumstrepen over onze keukenkastjes, drong de deurtjes binnen en terroriseerde onze messen, vorken, lepels, ons tosti-ijzer,  de hakmolen, potten, pannen, pas gekochte muffinvormpjes, alle mooi opgeplooide keukenhanddoeken, ... Ook de vloer moest eraan geloven. We eindigden met een centimeterdiepe vochtige vloerbedekking en een stank die nog weken bleef hangen. Gelukkig waren er Pablo's ouders die bereid waren 3 van de 4 wasmanden vol doorweekte, plakkerige keukenspullen mee te nemen naar huis en in de vaatwasmachine te deponeren. De reden van de tot leven gewekte afvoerput was voor ons een raadsel. De loodgieter die de volgende ochtend onze keuken binnentrad, de schade constateerde en meewarig zijn hoofd schudde bij het zien van zoveel ongegeneerd gootsteengebubbel, nam zijn olifantenslurf en zoog net zolang tot een grote verstopping uit de weg was geruimd. De dader bestond uit kleine grindachtige korreltjes in bruin-geel vocht. De hoofdverdachten in ons lijstje: couscous (veel couscous-etende Marokkanen in onze buurt), kattenbakvulling (we hadden wel eens katten (en ratjes) gezien in de tuin),  gestolde bolletjes frituurvet met pindasaus (van een fervente frietjes met pindasaus liefhebber... De studenten twee etages boven ons misschien?). We klopten aan bij onze directe bovenburen, maar niemand deed open. Ook de volgende dag geen reactie. Het incident bleef een mysterie, onze keuken verloor stilaan haar rotgeur en we kwamen in het stadium dat we weer lekker durfden koken zonder kokhalzen. De lente kwam in het land en ons leven was (ondanks de onafgebroken nodeloze stress om van alles en niets) mooi en smetloos ;)

Tot vanavond dus. Met mijn hoofd nog half bij VeggieChallenge enquêtes, summerschools, internationale subsidieaanvragen, stijfkoppige buurtvaders, toekomstvaagheid en financiële blabla, draaide ik de sleutel van ons 'huisje'om. Ik was nog maar net op bed geploft met geleende laptop op schoot, toen ik geritsel hoorde in de keuken. Een diertje? Waren de ratjes ontsnapt? Hadden we onverwacht bezoek? Was Pablo al vroeger thuis? Maar nee, wat ik aantrof had eeOn herkenbare geur, kleur en samenstelling. Het geel-bruine braakverwakkende goedje sijpelde dit maal van het plafond. Op ingenieuze wijze wist het zich een weg te banen door maar liefst 7 verschillende plafondgaatjes, waar we in de 5 maanden dat we in Bos en Lommer wonen, nooit nota van hadden genomen. Onze bovenburen hadden ofwel een wel erg vreemd idee om van hun appartement een zwembad te maken of een grandioze lek. Ik kon nog maar net de impact van de waterschade in me op nemen ("Nee, niet het Donderdag Veggiedag Kookboek" (bij het aantreffen van het gloednieuwe kookboek tot op de laatste pagina doorweekt), "Bahhhhhhhhhhh!" bij het zien van een plas bruin vocht rond een open bus poedersuiker, "Getver!" bij het blootvoets midden in een smerige plas gaan staan en "verd****! bij het aantreffen van de voorraadkast met doorweekte achterwand en doordrenkte Vegan Ikeakoekjes). Gele tranen van het plafond. Jakkes!!! Niet weer!!!

Pablo kwam nietsvermoedend binnen. Ik overviel hem met het nieuws en de buurvrouw. De Marokkaanse onderbuurvrouw had ook last van druppelende walgverwekker in haar keuken.  De geel-bruine pest had zich uitgespreid met als missie het overwoekeren van de hele portiek. Onze krachten waren nu gebundeld. We zouden die gemene bovenbuur een lesje leren en hem eens laten zien hoe je een kraan dichtdraait! Op onze pantoffels gingen we aankloppen. Net als de vorige geen reactie. Vreemd. De (Thaise?) schuin-tegenover bovenbuur deed wel open. Haar verhaal klonkt logisch, maar bracht ons niet dichter bij de vochtige oplossing "Nee hoor, daar woont al een hele tijd niemand meer. Het appartement staat leeg. Het wordt opgeknapt voor studenten...". Een donker vermoeden (en een gevatte reactie op Facebook) haalde de meest lugubere scenario's in ons naar boven: http://www.youtube.com/watch?v
=mLnvvarAVtQ

De werkelijkheid was echter nog onverwachter dan de horrortrailer deed vermoeden. Even later stormde politie de trappenhal in. Zij zouden het mysterie oplossen en dat door het openbreken van de deur van de bovenburen. Ze dachten een lekkende kraan te vinden, maar hun ontdekking overtrof alle verbeelding :)
Bij het forceren van het slot kwam een sterkte geur door de kieren geslopen. Een geur die mij wel bekend was van toeristische wandelingen in het centrum van Amsterdam. Onze bovenburen waren helemaal geen bovenburen! Het waren honderden marihuanaplantjes met een overstromend bevochtingssysteem! Een Wietplantage! Je maakt het niet elke dag mee...

Geen wonder dat we nooit last hebben gehad van de paringsrituelen van bovenburen. Deze bewoners plantten zich dan wel geslachtelijk voort, maar op een zeer discrete manier. De wietplantage in het bovenbuursappartement verklaart wel meteen mijn voortdurende allergie. Volgens mij ben ik heel de tijd allergisch geweest voor de fauna twee meter boven ons. Grappig dat we nooit iets merkten van het hennep-effect. Bij de ontmaskering kregen we van de politie wel twee hennepblaadjes als herinnering. Hopelijk krijgen we ook hulp bij het leefbaar maken van de keuken! De bolletjes in de afvoer bleken voeding voor de hennepplanten te zijn. Bovenbuur de Wietboer(in) had waarschijnlijk het lef niet het bewijsmateriaal in de vuilnisbak te gooien en kieperde alles in zijn gootsteenputje (waarna het er bij ons uit kwam). Van je buren moet je het hebben...

Voor de liefhebbers is er een Facebookfotoverslag van onze avonturen: http://www.facebook.com/album.php?fbid=142668402466383&id=100001696715152&aid=30955
Morgenavond is alle hulp welkom bij het opruimen van de troep! Wie helpt kan rekenen op een stukje blad als beloning :p


dinsdag 15 maart 2011

VeggieChallenge voor een plantaardige lente!



http://www.veggiechallenge.nl/

Amsterdam, 12 maart 2011 - Vleesverminderen is in. Steeds meer mensen kiezen er voor om de vleesgerechten te laten staan en te kiezen voor vegetarische of plantaardige gerechten. Als stimulans voor de keuze start in Nederland deze week het initiatief: de VeggieChallenge. Deze actie daagt deelnemers uit om een hele lente lang, van 21 maart tot 21 juni minstens 1 dag per week geen vlees te eten. Deelnemen kan met een simpele muisklik en geeft bovendien een kans om mooie prijzen zoals vega etentjes, films, geschenkbonnen en kookboeken te winnen. Wie deelneemt krijgt wekelijks een nieuwsbrief met recepten, voedingstips, weetjes en vega nieuws. De actie is opgezet door studenten van de Vrije Universiteit Amsterdam en zal gelanceerd worden tijdens de eerste editie van het Viva Las Vega's Festival.

Bij de zuiderburen is vleesverminderen een echte hype. Duizenden Belgen beloofden 40 dagen geen vlees meer te eten naar aanleiding van ' Dagen zonder Vlees'. Het initiatief was opgezet door een 21-jarige studente. Misschien dat het met de vastentijd te maken heeft, maar ook in Nederland start deze week een soortgelijk initiatief: de VeggieChallenge. De actie is opgezet door studenten van de Vrije Universiteit Amsterdam. De website www.veggiechallenge.nl wordt feestelijk gelanceerd op het Viva Las Vega's Festival in Amsterdam. Op 14 maart wordt de inkomhal van de Vrije Universiteit in Amsterdam hiervoor omgetoverd in een plantaardig en diervriendelijk 'Green Casino'. Op de informatiemarkt van Viva Las Vega's kunnen deelnemers een 'VeggieChallenge contract' tekenen in ruil voor een rijkelijk gevulde goodiebag met plantaardige producten. Ook krijgen ze de net verschenen VegaMap Amsterdam en een VeggieChallenge stempelkaart die na acht vega universiteitsmaaltijden om te ruilen is voor een cadeautje.

Op het Viva Las Vega's Festival kunnen lekkerbekken verder ook proeven van de vleesvervangers van de Vegetarische Slager, te rade gaan bij een diëtist, of kennis maken met één van de vele maatschappelijke organisaties die het initiatief steunen. In de zaaltjes daarachter worden doorlopend kookworkshops gegeven, met namen als ´Fingerlicking food´, ´Veggie for dummies´ en ´Groene moslims´. In de grote zaal vindt de hele namiddag een programma plaats met lezingen van o.a. psychologe Roos Vonk en visserijkenner Dos Winkel, een vertoning van de inmiddels legendarische film Meat The Truth, afgesloten door een groot paneldebat 'To (M)eat or not to eat'. Ook de organisatie van het festival is in handen van studenten.


De opkomst van vegetarische initiatieven is niet vreemd. Of het nu uit oogpunt van milieu, dierenwelzijn, wereldvoedselvoorziening of (volks)gezondheid is, de roep om vermindering van de vleesconsumptie klinkt steeds luider. VeggieChallenge is echter een van de eerste campagnes die zich expliciet op jongeren en studenten richt. “Steeds meer studenten noemen zichzelf 'vleesverlater'.”, vertelt initiatiefneemster Veerle Vrindts. “Volgens het Landbouw Economisch Instituut omvat deze groep enkele miljoenen Nederlanders, die één of meer dagen per week bewust geen vlees eten. Dat willen wij graag aanmoedigen door handvaten aan te reiken".

" Het ontbreekt de vleesverlaters nooit aan goede wil". zegt mede-organisator Pablo Moleman, "Wel hebben ze soms behoefte aan informatie over hoe een lekkere, gezonde maaltijd te bereiden zonder vlees. Of hoe om te gaan met lastige reacties tijdens familiediners. Het Viva Las Vega's festival helpt de vleesverlater daarom van zijn verlatingsangst af te komen”. Het is nu nog afwachten of de VeggieChallenge net zo een succes wordt in Nederland als 'Dagen Zonder Vlees' in België.

Viva Las Vega's festival helpt de vleesverlater


Groot vegetarisch festival op de Vrije Universiteit

www.viva-las-vegas.nl

Of het nu uit oogpunt van milieu, dierenwelzijn, wereldvoedselvoorziening of (volks)gezondheid is, de roep om vermindering van de vleesconsumptie klinkt steeds luider. Naast een kleine maar stabiele groep vegetariërs en veganisten, is er een groep die volgens het Landbouw Economisch Instituut ´ettelijke miljoenen´ omvat, die zichzelf ´vleesverlater´ noemt. Zij leveren hun bijdrage door één of meer dagen per week bewust geen vlees te eten.

Het ontbreekt de vleesverlaters nooit aan goede wil. Wel hebben ze soms behoefte aan informatie over hoe een lekkere, gezonde maaltijd te bereiden zonder vlees. Of hoe om te gaan met lastige reacties tijdens familiediners. Het Viva Las Vega's festival helpt de vleesverlater daarom van zijn verlatingsangst af te komen.

De openingshal van de Vrije Universiteit in Amsterdam wordt op 14 maart omgetoverd in een plantaardig en diervriendelijk casino. Op de informatiemarkt kan men proeven van verschillende vleesvervangers, te rade gaan bij een diëtist, of kennis maken met één van de vele maatschappelijke organisaties. In de zaaltjes daarachter worden kookworkshops gegeven, zoals ´Fingerlicking food´, ´Veggie for dummies´ en ´Groene moslims´. In de grote zaal vindt de hele namiddag een programma plaats met lezingen van o.a. psychologe Roos Vonk en visserijkenner Dos Winkel, een vertoning van de inmiddels legendarische film Meat The Truth, afgesloten door een groot paneldebat 'To (M)eat or not to eat'.

Wie aan het eind van de dag de smaak van minder vlees te pakken heeft gekregen, kan zich inschrijven voor de Veggie Challenge. Deelnemers krijgen een wekelijkse nieuwsbrief en kunnen veggie-punten sparen waarmee mooie prijzen te winnen zijn.

woensdag 12 januari 2011

Biologisch, maar niet heus

Student-reporter onderzoekt aanbod VU-restaurants


Biologisch, maar niet heus

Het biogehalte van de VU-restaurants valt tegen en cateraar Eurest werkt lang niet altijd duurzaam. Dat concludeert student-reporter Veerle Vrindts.

Tekst: Veerle Vrindts.


Wie onlangs in een van de restaurants op de VU heeft gegeten, kon er niet naast kijken. Vele groene posters tonen de hoopvolle boodschap ‘VU en Eurest gaan biologisch vanaf 2010... logisch toch?’ Draagt de cateraar van de VU duurzame voeding écht hoog in het vaandel? Of is het aanbieden van biologische voeding een slimme marketingtruc om de prijzen subtiel de hoogte in te jagen? Bovendien, hoe ‘bio’ zijn de kantinemenu’s in werkelijkheid?

Samen met enkele milieubewuste medestudenten bezocht ik het restaurant van het hoofdgebouw. Eurest beloofde op haar website naast biologische voeding ook Fair Tradeproducten, extra aandacht voor dierenwelzijn en lokale voeding. Onze verwachtingen waren dus hoog.
“Welke warme maaltijden zijn biologisch?” vroegen we een restaurantmedewerker. Zijn antwoord was ontnuchterend: “Sorry, dat hebben we hier niet.” Zowel de vlees-, vis- als vegetarische maaltijden bestaan uit ingrediënten uit de niet-biologische landbouw. Dat betekent concreet dat de groente die je in de kantine eet, chemisch bespoten werd en de dieren op een erg klein oppervlak leefden waar ze gevoed werden met groeihormonen en medicatie. Als je hier niet aan wilt meewerken, moet je geen warme maaltijd van Eurest eten.

Bedroevend leeg
Een koude biologische maaltijd dan? Pas bij de broodsectie botsten we op een eko-label. Eén van de broodjes, een vers geurende bruine bol, bleek bio. Ook bij de ‘dubbele boterham’ vonden we een biovariant. Die mocht op ons dienblad. Al de andere broodjes hadden een minder duurzame oorsprong. Ook bij de dranken vonden we één biologische smoothie en één biologische frisdrank. Verder volgden een biologische appel en peer, één biokoekje en een reep fairtrade chocolade. De miniverpakkingen suiker, ketchup, mosterd en mayo droegen ook een eko-label, de patat dan weer niet. De verpakkingen melk en karnemelk waren wel volledig biologisch, maar in pure koeienmelk had geen van ons echt trek. Het dienblad bleef bedroevend leeg en koud.

Groeiend bio-aanbod
Ik stelde de vraag aan Christianne van Rijn (VU) en René Niemarkt (Eurest). Van Rijn beheert het contract tussen VU en Eurest en schrijft de nieuwsbrieven met VU-catering informatie. “Het biologisch aanbod in de VU-restaurants is erop vooruitgegaan sinds vorig jaar”, vertelt Van Rijn. “In vier maanden tijd is het aandeel biologisch assortiment gestegen van vier procent naar twaalf procent.” Op het eerste gezicht inderdaad een interessante stijging. De twaalf procent was vooral te danken aan de biologische melk en kleine producten zoals ketchup, mayo en suiker. Ironisch eigenlijk, want de bio-sauzen worden elk apart in plastic minidoosjes verpakt. Handig, dat wel, maar duurzaam? Op de vraag of de verwerkte melkproducten in de maaltijden dan ook biologisch waren, was het antwoord negatief. In het kader van verantwoord ondernemen heeft Eurest wel besloten het bestaande mineraalwater uit de schappen te halen en te vervangen door een ander merk plastic flesjes. Wat dit merk volgens Niemarkt ‘verantwoord’ maakt is het feit dat het waterbedrijf een kwart van opbrengst aan drinkwaterprojecten in ontwikkelingslanden geeft. Zelf vraag ik me dan af of een plasticberg vermijden door de aanleg van drinkfonteintjes op de VU geen effectievere en duurzamere oplossing zou zijn.

Te duur
Toch is het niet gepast om alleen met de vinger naar Eurest te wijzen. “We willen en kunnen wel honderd procent biologisch gaan, graag zelfs”, vertelt Niemarkt, “Het probleem is dat de consument vaak niet bereid is meer te betalen. Een biologisch product is twintig tot dertig procent duurder om in te kopen dan een niet-biologisch. Veel mensen zijn niet bereid dat extra inkooppercentage te betalen. Tot nu toe hebben we gezocht naar producten die zonder prijswijziging aan het assortiment kunnen worden toegevoegd of een ander product kunnen vervangen. Wij van Eurest stellen de gast centraal. Het is een kwestie van vraag en aanbod.
Bovendien kunnen studenten of medewerkers hun suggesties posten in de ideeënbus in het restaurant”, zegt Niemarkt.

Onverdoofd geslacht
Onder VU-studenten zijn de meningen verdeeld. “Ik ben zelf vegetariër”, vertelt David, bachelorstudent psychologie, “dus ik kan wel regelmatig een vegetarisch menu vinden in het restaurant. Ik heb echter ook enkele veganistische vrienden en die vinden bijna niets zonder dierlijke producten erin.”
Thomas, bachelorstudent International Business Administration, stoort zich aan de plastic waterflesjes en de ‘oneerlijke’ koffie in de kantine: “Ik vind het goed dat er in de kantine biologische producten zijn. Ook het fairtrade Ben en Jerry’s ijs is erg lekker. Dat is een goed begin. Maar als de VU echt duurzaam wil zijn, kunnen ze beter werk maken van praktische dingen, zoals afvalsorteerbakken en de aanleg van drinkfonteintjes. En de koffie, die moet gewoon volledig fair trade.” Nina, masterstudent biologie, is teleurgesteld over de nieuwe ontwikkelingen van Eurest: “Sinds kort is er vlees van onverdoofd geslachte dieren (halal) bij de vleeswaren. Ik vind het jammer dat de VU onverdoofde slachtingen steunt. Als dieren gedood worden, kan je ze tenminste een goed leven en een pijnloze dood gunnen”. Bij navraag bij Eurest vertelde Niemarkt dat Eurest onverdoofde slachting geen bezwaar vond: “Als er vraag is vanuit de VU naar halalvlees, dan leveren we dat. Hetzelfde geldt voor koosjer en vegetarische producten.
Ook vertelde Niemarkt dat Eurest geen vissoorten aanbiedt die voorkomen op de rode lijst van de Viswijzer. Over andere vleessoorten gaf Eurest tegenstrijdige informatie. Enerzijds kon het vleesassortiment door commerciele redenen niet biologisch zijn. Anderzijds claimde Eurest producten met een 3-sterren Beter Leven-keurmerk aan te bieden, een label dat de Dierenbescherming alleen toekent aan biologisch vlees en vrije-uitloopeieren.
Eurest gebruikt naar eigen zeggen echter naast vrije-uitloopeieren ook scharreleieren van kippen die nooit het daglicht hebben gezien. Het vlees en de eieren bij Eurest blijven dus een heikel punt.
Wie helemaal zeker wil van een dierenleedvrij, verantwoord menu bij de VU, kan het best kiezen voor een vegetarische maaltijd met een lekker biologisch sapje erbij. Logisch toch?

Reageren?
Mail naar redactie@advalvas.vu.nl.

‘De VU kan beter werk maken van praktische dingen, zoals afvalsorteerbakken en de aanleg van drinkfonteintjes’



maandag 14 juni 2010

minne

ik weet nu dat jij een stem hebt
die spreekt vanuit je buik
dat je luid kan zijn en bitter
dat ik je zachte kant misbruik


misschien had ik je eerder
een hand, een oor, een leven,
de vrije wil –als die bestaat-
het woord terug moeten geven


ik liet je in een toren wonen
jij liefde er onder mijn huid
nu stoom je me de trappen af
en zet mijn ‘maar’ eruit

vrijdag 11 juni 2010

Some words of Sadhana- digged up from my red Auroville notebook

Singing cups and ringing plates
The melody of pillows and pots
The unity a hut creates
Young minds facing their blind spots

A bare feet stroke the strawmat floor
divine moment in the make
a giggle when the silence breaks
puppy paws scratching the door

With the magic of a kitchen spoon
and some chocolate jiggery
we sweeten up our mornings, afternoons
and a dinner sugarfree

Cleaning our dishes in buckets of love
dynamized water, you better drink enough
the flavours of india, ideals in the core
2 weeks in Sadhana Forest
just make me wish for more


---------------

Fragile (when Max died)

Even paradise has thorny corners
No bubble is bullet proof
No island free of waves

Little paws seemed
Strong enough to carry a growing cub
They used to dance on morning melodies
And bark a call for us to wake up

I know natural order
Can grab your throat
That fate is as innocent as a broken dice

Still, I wish you swing your tail
Just around the corner
Of a puppy paradise

----




Thanks for visiting!